DAKPANNEN

 

 

 

  Dakpannen keramisch

Toepasbaar op een dak met hellingshoek tussen de 15°-75°. Let op tussen de 15°-75° zijn er maar een paar typen toepasbaar.

 

Benamingen dakhellingen:

  • flauwhellende daken (15-20°)    ( niet alle soorten, zie hierboven )
  • matig hellende daken (20-30°) 
  • hellende daken (30-40°)
  • steil hellende daken (>40°)    

Verankering van de dakpannen is in het bouwbesluit geregeld. Raadpleeg de fabrikant of leverancier.

 

Eisen voor pannenklei:

  • weinig verontreinigingen
  • bepaald minimum aan ijzeroxide i.v.m rode kleur

Klei voor dakpannen is vetter of langer dan de magere of korte klei voor bakstenen. De gereinigde klei wordt d.m.v. een strengpers (met vacuüminstallatie) een lange kleistreng gemaakt. Deze streng wordt op maat gesneden, de zogenaamde kleitegels.

Vormen gebeurt machinaal met de:

  • strengpers
  • stempelpers

Drogen gebeurt met in de  droogkamers
Bakken gebeurt in de oven op een temperatuur van ongeveer 1050°C.


Oventypen:

  • éénkamervlamoven
  • continu-oven
  • tunneloven
  • klok- of liftoven

Afwerkingen:

  • Engobéren: toevoegen van een kleipapje van dezelfde kwaliteit als die van de dakpan
  • Glazuren: doorzichtig (lood) of ondoorzichtig (tinglazuur) (hoogglanzend, halfmat of mat)
  • Oxideren: overmaat aan zuurstof wordt toegevoegd, de pan wordt felrood
  • Reduceren: of wel smoren

Dakpanmodelen:  keramisch:

  • holle dakpannen
  • vlakke dakpannen

Soorten pannen:

  • Oude holle of Hollandse dakpan
    • Verbeterde Holle of Hollandse pan (VH-pan)
    • Opnieuw verbeterde Holle of Hollandse pan (OVH-pan)
  • Holle muldenpan
  • Muldenpan
  • Romaanse dakpan
  • Tuile du nord
  • Kruispan
  • Leipan

Hulpstukken :

  • halfronde vorst
  • zadelvorst- of omloopvorst
  • ballonvorst
  • schubvorst
  • broekstuk
  • bovenpannen
  • onderpannen
  • ventilatiepannen
  • doorvoerpannen
  • linkse en rechtse gevel- of eindpannen
  • chaperonpannen
  • knikpannen
  • dubbele welpan